STADSKANAAL – In de Knoalster politiek ligt er al een tijdje een coalitieakkoord op hoofdlijnen. De concrete plannen zouden volgens de betrokken partijen later volgen in een zogeheten ‘uitvoeringsprogramma’, geschreven door de wethouders. Na vier maanden is deze er nog altijd niet, maar komt er volgens betrokken wethouder Jur Mellies binnenkort aan.
Het is 29 juni als de fractievoorzitters van Lokaal Betrokken, CDA, PRO en VVD vol trots hun coalitieakkoord presenteren bij Stelmakerij Wever in Mussel. ‘Werken aan de basis, bouwen aan de toekomst’, was de slogan voor de komende vier jaren.
Het was een akkoord op hoofdlijnen, met weinig concrete plannen. Dat gebeurde vier jaar daarvoor ook, maar zorgde destijds voor wisselende verwachtingen en zelfs een coalitiebreuk. Om dat te voorkomen moest er een ‘uitvoeringsprogramma’ komen, een document vol concrete plannen en beloftes. De schrijvers: wethouders Jur Mellies (LB), Gert Jan Boels (CDA), Egbert Hofstra (PRO) en Goedhart Borgesius (VVD). Na het zomerreces moest het programma er komen, maar eind oktober ligt deze er nog altijd niet.
‘Geen loze beloftes’
‘Het uitvoeringsprogramma komt binnenkort’, belooft wethouder Jur Mellies (Lokaal Betrokken). ‘We gaan niet over een nacht ijs. Het uitvoeringsprogramma moet aansluiten op de kadernota, die we komend voorjaar presenteren.’ Volgens Mellies verkiezen hij en zijn collega’s kwaliteit boven snelheid. ‘We willen zeker weten dat het uitvoeringsprogramma ook daadwerkelijk uitgevoerd wordt. Er moeten geen loze beloftes in komen te staan.’
Antwoorden op grote vraagstukken
Het programma moet antwoord geven op de grote vraagstukken van de gemeente: hoe gaat het college om met woningbouw, de grote ambities, natuur, wegen enzovoorts. Met vier partijen vliegen er ook verschillende meningen over tafel, maar Mellies verwacht geen problemen. ‘We waren het in de formatie ook al vrij vlot eens over de grote onderwerpen. Heel vreemd is dat niet, we hebben als partijen natuurlijk eerder met elkaar opgetrokken. Ik verwacht dan ook geen punten die voor problemen zullen zorgen.’
De wethouder is voorzichtig met een datum op publicatie van hun plan te plakken. ‘Maar ik verwacht dat we het binnen een maand kunnen presenteren.’
